
Vandaag een vegetarische maaltijdsalade. Iets wat ik eigenlijk niet zo vaak doe; maaltijdsalade. En vegetarisch.
Maar ik vond het zeker niet verkeerd. Lekker & simpel.

Vandaag een vegetarische maaltijdsalade. Iets wat ik eigenlijk niet zo vaak doe; maaltijdsalade. En vegetarisch.
Maar ik vond het zeker niet verkeerd. Lekker & simpel.

Naar een recept van Jamie Oliver.
Een heerlijk vegetarisch bijgerecht. Kost veel tijd, maar in totaal ben je eigenlijk maar zo’n 10 minuten bezig.
Ingrediënten voor de geroosterde aardappelen:
Schil de aardappelen en snij ze door de helft. Doe ze in een ruime kookpan en vul deze met koud water totdat de aardappelen onder water staan. Breng nu de aardappelen aan de kook. Laat de aardappelen 6-7 minuten koken. (Zet ondertussen de oven aan op 180°C).
Giet de aardappelen af en laat ze vervolgens ongeveer 3-4 minuten uitstomen.

Na de 3-4 minuten uitstomen moet je de aardappelen een beetje op en neer gooien in het vergiet. Beetje schudden enzo. Je zult zien dat de aardappelen een beetje ‘beschadigen’. Dat is goed! Je zult zien dat de aardappelen daardoor een nóg krokanter jasje krijgen aan het einde.
Pak nu een ruime ovenschaal waar de aardappelen niet op elkaar gaan liggen (je moet één laag aardappelen krijgen). Besprenkel de bodem van de ovenschaal met wat olijfolie en smeer dit wat uit met een aardappel zodat de hele schaal is ingevet. Doe nu de aardappelen in de ovenschaal. Voeg flink wat zout en peper toe en besprenkel de aardappel nog met wat olijfolie. Schudt de aardappelen een beetje heen en weer in de ovenschaal zodat het zout, peper en olijfolie verspreid wordt.

Zet de ovenschaal nu voor 30 minuten in de oven.
Ondertussen pak je een bakje waar je 3 eetlepels olijfolie in doet met de tijm en rozemarijn. Roer dit een beetje door elkaar.
Pak nu de teentjes knoflook en kneus ze; leg ze onder een koksmes en sla een keer op het mes. Het teentje is nu deels geplet en nu kun je ook gemakkelijk het schil verwijderen.
Na 30 minuten zie je dat de aardappelen al wat beginnen te verkleuren. Haal de ovenschaal uit de oven en laat de oven nog steeds op 180°C staan.
Belangrijk: Druk de aardappelen allemaal wat naar beneden. Op die manier zorg je er voor dat de aardappel tegen de ovenschaal wordt gedrukt en daardoor ontstaat er veel contact tussen aardappel en ovenschaal. Hoe beter de aardappel tegen de ovenschaal aan zit, hoe krokanter de aardappel wordt. Ik gebruik hiervoor een klein bakje.

Giet nu je olijfolie-rozemarijn-tijm-mengsel gelijkmatig over de aardappelen heen. (Gebruik eventueel een kwastje). Leg nu de gekneusde teentjes knoflook tussen de aardappelen op willekeurige plekken.

Nu kunnen de aardappelen weer terug in de oven. Na ongeveer 45 minuten zijn ze mooi goudbruin en krokant.

Heerlijke aardappelen! Het lijkt net alsof je aardappel puree eet met een krokant jasje. De aardappel is heerlijk zacht geworden door het langzame garen in de oven en de buitenkant is lekker krokant geworden.
Ook lekker met een broodje hamburger! Recept staat hier.


Soms ga ik naar de supermarkt zonder dat ik weet wat ik die avond ga koken. Ik loop dan wel eens alle pakjes en zakjes om ideeën op te doen. Ik zag laatst risotto staan van Knorr. Lekker! (de risotto bedoel ik dan) Dat heb ik alweer een tijd niet gegeten en daarnaast is het erg leuk om te maken. Ik laat het pakje van Knorr staan en glimlach nog eens om de manier waarop Knorr denkt dat risotto klaargemaakt moet worden. Je moet namelijk wel iets langer dan 20 minuten uittrekken om risotto te maken. Tenminste, als je het op de traditionele manier doet.
Ingrediënten voor risotto met gedroogde tomaat: (dit recept is voor 7 personen) printversie hier

Zet een pan met tenminste 2 liter groentebouillon op het vuur.
Snij de (punt)paprika’s en bleekselderij in kleine stukjes.
Hak de knoflooktenen fijn en snipper de twee uien.
Zet nu een ruime pan op het vuur (met een brede bodem; geen kookpan). Bak de (punt)paprika’s als eerste in wat olijfolie.

Voeg na 3 minuten de uien en knoflook toe. Fruit dit kort even aan.

Voeg nu de risottorijst en bleekselderij toe en meng goed.
Zet de pan nu op een lager vuur. Blijf roeren totdat de risotto-korrel glazig wordt.
(zie foto hieronder)

Zodra de meeste korrels glazig zijn, moet je het risotto-groente mengsel afblussen met een flink glas droge, witte wijn.

Nu weer even goed roeren. Zodra de wijn ‘weg is’, voeg je de bouillon toe. Twee soeplepels per keer.

Blijf dit herhalen; bouillon toevoegen, roeren. De risottorijst zal de bouillon absorberen en zodra je geen bouillon meer ziet, voeg je weer wat toe. 2 liter ging er bij mij wel in voordat het beetgaar was.
Ondertussen snij je de gedroogde tomaten in reepjes en rasp je de kaas fijn.

De risotto is bijna klaar. Op het randje van beetgaar; de korrel is zacht maar toch stevig. Dát moet je hebben! Nu is het tijd om de gedroogde tomaten en de helft van de geraspte kaas toe te voegen.

Goed roeren. Goed proeven. Vind je het lekker? Mooi! Vind je het nog wat flauw? Beetje zout of kaas erbij. Beetje peper.

Aan tafel! Nog een beetje kaas erover. Lekker met een simpele salade en een kipfilet omringd door ambachtelijke ontbijtspek.

Smakelijk eten!